Publicaties/CV

De ‘A-MUZE’ van Paul Kenens

 

Met deze knipoog naar Antwerpen kondigt Paul Kenens zijn eerste tentoonstelling in de sinjorenstad aan. Voor het interview met deze kranige 73-jarige trekt TheArtCouch naar Wilrijk waar in het achtergebouw in een pittoreske straat hij timmert aan zijn derde carrière.

 

‘De mensen die Paul Kenens in zijn schilderijen afbeeldt zijn allemaal in zichzelf gekeerd, ze lijken zich af te sluiten van de buitenwereld,’ staat te lezen in de perstekst die de nieuwe tentoonstelling aankondigt. Het verschil met de kunstenaar kan niet groter zijn. “Ik was in feite van plan om de tien jaar van beroep te veranderen. Ik begon als offsetdrukker, startte daarna een goed draaiend ceramiekatelier op en belandde vervolgens in de theaterwereld waar ik meer dan 7.000 voorstellingen maakte. Ondertussen ben ik zes jaar bezig als kunstenaar. Maar in feite weet ik niet goed of ik me kunstenaar mag noemen. Ik voel me immers helemaal niet zo. Ik pak iets vast, bijt me vast en probeer verder te geraken. Ondertussen ben ik al zes jaar verder.”(lacht)

Waarom vind je van jezelf dat je geen kunstenaar bent?

“Laat me dit even nuanceren. Wellicht omdat ik het een raar woord vind. Het is een vuilbak waar je veel in kwijt kunt. Een kind dat dat binnen de lijntjes kleurt, wordt door de trotse omgeving al snel als kunstenaar omschreven. En dat is nu net wat het voor mij niet is, een kunstenaar moet buiten de lijnen kleuren. Een kunstenaar moet zichzelf in de eerste plaat bewijzen door een mix van creativiteit en technische kennis. Maar ook dat is nog niet voldoende. Voor mij ben je dan een goede vakman, il miglior fabbro, om het met de woorden van Ezra Pound te zeggen. Als kunstenaar voeg je een verhaal toe aan deze kunde, steeds opnieuw. Kunst is volharding, anders mondt het al snel uit in een bezigheid of een hobby. Ik ben dagelijks bezig met kunst, dus in feite moet ik mezelf tegenspreken en toegeven dat ik wel voldoe aan mijn eigen definitie van kunst.

Hoe zien je dagen er dan uit?

Er is een zekere structuur in mijn kunstenaarschap geslopen. ’s Morgens hou ik me meestal bezig met de administratie die het leven met zich meebrengt en met het bewerken van beelden op mijn pc die vervolgens als inspiratie kunnen dienen voor mijn werk. En in de namiddag … schilder ik. Ik ken geen tijd. Tot de inspiratie opdroogt, maar wel in het achterhoofd houdend dat na tien uur ’s avonds er niet veel inspiratie meer te halen valt.

Hoe zou je je werk omschrijven?

Mijn werk wordt vaak omschreven als hyperrealistisch, fotorealistisch. Soms is zelfs de term ‘surrealisme’ in de mond genomen. Ik hecht niet zoveel belang aan de kapstok waaraan mijn werk wordt opgehangen. Ik besef wel dat mijn beelden een vertaling nodig hebben. Of dat mensen tijd moeten krijgen om de knipoog te zien in mijn werk. Maar voor mij is kunst in de eerste plaats de overtreffende trap van kunde. Dat begint bij de selectie van een beeld. Ik fotografeer mijn onderwerp. Speel met lichtinval, maak tientallen foto’s. Vervolgens ga ik met deze ‘groffe materie’ aan de slag. Ik bewerk foto’s op mijn pc, creëer een eigen fictie die als basis dient voor mijn schilderijen. Ik werk met olieverf omdat ik dan de mogelijkheid heb om nat in nat te werken. Olieverf laat toe om na te denken, om aanpassingen te doen. En dat in tegenstelling tot de veel actievere acrylverf.

Tijdens het gesprek staat Paul meer dan eens recht om op een van zijn werken te tonen wat hij juist bedoelt. Een rode draad vinden in de tientallen canvassen in de grote ruimte is moeilijk. De beelden voelen inderdaad meer dan eens bevreemdend aan. Perspectief en verhoudingen zijn niet altijd even correct uitgevoerd. Maar vooral het brede spectrum aan beelden werkt in het nadeel. Beelden van zijn kleinkinderen, zijn muze Björk die naakt tussen de satijnen lakens ligt, de studie van de huidplooien van zijn hand en de beelden die bij momenten doen denken aan werken van Frida Kahlo.

Mijn blik blijft rusten op het werk ‘The Shadow of my Nose’. Het subtiele spel van licht en schaduw doet haast de speelse knipoog naar Jan Fabre vergeten. Paul maakt zichzelf vaak tot onderwerp van zijn werk. Wellicht heeft het te maken met zijn verleden als theatermaker waar hij in het spotlicht trad. Het doek meet een op twee meter. Paul houdt niet van kleine formaten maar is er zich tegelijk ook van bewust dat deze grootte ervoor zorgt dat zijn oeuvre niet geschikt is voor elke ruimte. In de kleur toont zich de meester. Let op de minutieuze afwerking van zijn hemd, de kleine kleurkreuken in zijn broek.

Deze subtiele kleurvariaties vind je ook terug in de satijnen lakens waarop zijn muze Björk zich naakt tentoon spreidt. Een mooi samenspel van plooien laat je vergeten dat haar lichaam niet perfect is weergegeven. Haar lichaam wordt herleid tot een lelieblanke tinten die opgaan in de andere kleuren.

We beëindigen de rondgang in zijn atelier met het werk ‘De Hand van de Schilder – Het Mysterie Gabrielle d’Estrées’ waarin zijn muze aantreedt als Gabrielle d’Estrées, de minnares van de Franse koning Hendrik IV. Ook hier toont Kenens dat hij zijn kunstcanon kent en met de nodige knipoog behandelt. De auteur van het oorspronkelijke portret is onbekend, maar dat lost Paul op ludieke manier op door (opnieuw) zichzelf in het werk in te schilderen. De naaister op de achtergrond van het oorspronkelijke schilderij maakt plaats voor een werk waarin we de kunstenaar in bloot bovenlijf (Pablo Picasso) aan het werk zien tijdens een ander schilderij.

Paul Kenens heeft zeker het talent en het doorzettingsvermogen om zijn derde carrière in de goede richting te duwen. Zijn beheersing van het kleurenpalet en zijn gevoel voor contextuele kunstknipogen spelen zeker in zijn voordeel. Zijn focus moet alleen geconcentreerder worden. Wie alles wil schilderen, schildert uiteindelijk niets. En dat zou spijtig zijn voor het enthousiasme dat deze kunstenaar aan de dag legt.

 

Het werk van Paul Kenens is te bezichtigen in Galerij Artisjok aan de Paardenmarkt 56 in 2000 Antwerpen van 25 september tot 31 oktober 2021, op donderdag, vrijdag, zaterdag en zondag telkens van 14 tot 18 u.

 

 

"Wat opvalt inspireert, een beeld een beweging die bijblijft, een houding van iemand, een moeilijk uit te leggen emotie die je raakt. Je moet een beetje verliefd worden op het onderwerp, ook als is het een banaal iets zoals een kinderspeelgoedje een kledingstuk of een kind, een volwassen mens, Je kan de reden om iets te schilderen wel logisch verklaren maar de echte motivatie is emotie."

What themes does your work involve?

Gewone mensen zoals ze zijn in een dagelijkse omgeving, kinderen en volwassenen. Na een reeks doeken met kinderen in het water schilder ik al een hele tijd personen waarbij ik vaak een tweede, een achterliggende of een raadselachtige lezing meegeef. Door een extra element in te brengen, niet vanzelfsprekend gelieerd aan het onderwerp, schep je nieuwsgierigheid en roept het schilderij vragen op. Mijn afgebeelde personages veranderen daardoor. Hun karakter en denkpatroon gaat weg van de gemiddelde 'gewone', geaccepteerde gedragingen van een anoniem persoon. Tegengesteld aan de brave volgzame mens met een risico aversie, probeer ik een zachte shock teweeg te brengen met een scherp kantje, Erotische, poëtische, zachte afbeeldingen, met een haakje. Sommige doeken neigen naar surrealisme

Describe your creative process.

Mijn werk begint met een fotosessie. Ik maak improviserend een paar honderd foto’s die worden opgeslagen op pc. De afbeeldingen moeten ‘rijpen’. Na enkele tijd worden verschillende foto’s bewerkt, gemonteerd, aangepast tot een bepaald beeld zich niet meer loslaat. Het is moeilijk uit te leggen waarom nu net een bepaald beeld zich van je meesteer maakt. Het heeft waarschijnlijk te maken met de chaos in het hoofd bij het bepalen van de richting waarin een beeld zal geschilderd of uitgewerkt zal worden, de reminiscenties die er op dat moment worden aan vastgeknoopt en de intieme gevoelens die dat opwekken. De eerste laag wordt in detail geschilderd alsof het definitief is. Het hele schilderij krijgt een tweede laag met correcties in kleur en vorm waarna details en worden aangebracht.

What influences your work? What inspires you? Why do you make art?

"Het werk wordt tijdens het schilderen beïnvloed door overpeinzingen en emotionele momenten die het werk nog een andere wending kunnen geven. Tijdens de uitvoering kunnen ook andere inzichten de kop op steken die de noodzaak oproepen om elementen weg te laten of bij te brengen, zelfs de visie op het werk kan veranderen. Ik werk vrij lang aan een werk (weken) waarbij je je zo in het schilderij verdiept dat gebeurtenissen, gemoedstoestanden onvermijdelijk sporen nalaten. Uiteindelijk laat je bij ieder werk een stukje van jezelf zien, verdoken voor de occasionele toeschouwer maar herkenbaar voor mensen die je kennen. Er is geen bepaalde reden om kunst te maken behalve dan de persoonlijke noodzaak om creatie bezig te zijn, je te uiten op een zo hoog mogelijk en persoonlijk niveau."

What is good art? What makes a piece of art great?

Goede kunst verandert naar tijd en mode. Naargelang je referentie en persoonlijke voorkeur. Abstracte schilderijen zouden in de 16e eeuw geen 'kunst' geweest zijn. Fotografie was 40 jaar geleden nog geen kunst, maar een ambacht. Net zoals vroegere schilders een werkplaats hadden om hun ambacht te beoefenen, een ik op een technische manier van schilderen een gekozen afbeeldingen vast te leggen. Een brug, eiland inpakken is kunst? Is kunst iets waar je de eerste in bent, een doek zwart te schilderen? Het kan kunst zijn maar is het niet noodzakelijk. Het heeft te maken met een referentiepunt van waaruit je de handeling uitvoert en met eigen wetten. Technisch meesterschap in originele uitwerking en dan iets meer zou kunst kunnen zijn? Een keurslager die zijn vlees op een nieuw, geweldige manier presenteert zou dan ook kunst kunnen zijn.

What is the role of the artist today?

Sommige mensen willen zo weinig mogelijk doen, andere willen zo hard mogelijk werken. Sommigen houden zich creatief bezig zonder verdere ambitie en anderen willen iets bereiken en grenzen aftasten. Iedereen stippelt zijn eigen persoonlijke weg uit. De kunstenaar (wie is dat eigenlijk) pakt het misschien meer individualistisch aan omdat hij zich niet thuis voelt in reguliere systemen of heeft een particulier doel in zijn creativiteit. Kunstenaars (en ook wetenschappers) als groep zijn als tegengif voor de alsmaar verder schrijdende afbraak van de vrijheden. Noem het de ontmenselijking. Zeker in deze tijd worden alle afwijkende uitingen van doen en denken aan banden gelegd. Kunstenaar (en ook studenten en wetenschapper)) kunnen daarin een tegenwicht zijn alvorens ook wij hier in Chinese of Japanse (gedicteerde) uniformiteit belanden.

Interview verschenen in Circle Foundation of Arts Magazine 2020 -vertaald uit Engels

 

Artsy Shark - Featured Artist Materials

Paul Kenens, St. Sebastiaanstraat 45/7   B-2610 Wilrijk – Belgium – Gsm +32 (0)486151765 – mail: paul.kenens1@telenet.be -  Site: paulkenens.be

  1. 1.       Written Content (Ned)

Realistisch, hyperrealistisch of fotorealisme zijn begrippen die regelmatig terug komen, soms neigend naar een magisch- of surrealisme, schilderijen met soms een haakje. Ik schilder met olieverf, gepassioneerd en geduldig, laag na laag, meestal menselijke figuren, mijzelf, ofwel kinderen of  sensuele vrouwen, vaak met gesloten ogen en wegkijkende blik tegen stoffen achterwand. De zachte huid van het model is een terugkerende uitdaging die mij doet schilderen. Serene portretten in detail uitgewerkt, de structuur van stoffen met al zijn golvingen, plooien en reflecties, sturen sommige schilderijen naar een frisse versie van barokke oude meesters.

Geboren in Brussel als oudste van zes kinderen, een familie zonder vader, werd ik op mijn zestiende kostwinner. Eerst als offset drukker en gespecialiseerd kleurmenger, ruilde ik dertien jaar later de drukkerij voor een duo carrière. Met een zelfstandig keramiekatelier maakte ik replica’s van oude en nieuwe tegels, kopieerde en reproduceerde Art Nouveaux tegelpanelen voor restauratieprojecten.  Tegelijkertijd speelde ik een overweldigend aantal solo theatervoorstellingen in verschillende landen, combineerde ik de eenzaamheid van het atelier met de publieke belangstelling. Maar ik wilde nog andere dingen uitproberen. Kleur was altijd al dichtbij geweest in de drukkerij en in het keramiekatelier. Schilderen sluimerde al enkele jaren als een nieuwe uitdaging waar ik ook weer fanatiek en gulzig grenzen kon verleggen. Toen de wereld even stil stond gaf (9/11)  gaf dit mij de zin om in de wereld van de olieverf te stappen en er volgde een academische opleiding. Als buitenbeentje schilderde ik meer uren dan er in een dag zijn…   

Ik schilderde meestal personages, soms lijken ze zich af te sluiten, verwijzend naar hun binnenwereld, hun verbeelding, soms geschilderde gelatenheid, verwarring, bezinning, zelfs kwelling.  Kenmerkend komt de symboliek tot uiting in de zelfportretten, diepgaande menselijkheid, zelfreflectie en vervreemding, maar ten overvloede ook merkbaar in close-ups zoals de uitvergrotingen van de hand.

Vertrekkend vanuit fotografisch materiaal,  improvisatiesessies met model, probeer ik door toevoegen, weglaten en bewerken het verschil te maken tussen fotorealisme en het geschilderde beeld. Het schilderij is een poging om de afstand tussen beide te vergroten en misschien wel het realisme voorbij te schilderen. Het geheel van mijn werk is niet steriel maar emotioneel, het laat zien wat mij beroert. Het beschilderde doek bekijk ik met de tijd kritischer en telkens vanuit een andere gemoedstoestand of oogpunt, met correcties tot gevolg. Uiteindelijk  geef ik door de gemaakte keuze een deel van het innerlijke prijs die de toeschouwer herinterpreteert. Mijn titels roepen soms vragen op die de toeschouwer doen nadenken, die een nieuwe onbeantwoorde vraag stellen.

Ik zoek een wig te drijven tussen waarheidsgetrouw schilderij in een poging het fotorealisme om te buigen in schilder-realisme om zo het bestaansrecht van de schilderijen te rechtvaardigen.

Levendig en contrastrijk zijn de verzadigde kleuren die diepte geven aan de intrinsieke schoonheid van de dingen. Ik schilder gedisciplineerd, of is het dwangmatig, noodzakelijk voor een gedetailleerde uitwerking. Gepassioneerd – je moet een beetje verliefd worden op je onderwerpen - in geduldig zoeken naar ideaal tussen beeld en techniek  verlies ik de notie van tijd. Een tijd die de handeling van schilderen te vlug inhaalt

Vragen:

Je was voorheen actief in andere domeinen. Welke?

Jazeker, Ik had vijfendertig jaar geleden een keramiekatelier opgestart dat uitgegroeid is tot een atelier met enkele personeelsleden.  We werkten vrij vlug voor de tegelindustrie en maakten een gamma van keramische boorden en tegels die verdeeld werden via een grote tegelzaak in Brussel. Voor architecten en aannemers kregen we opdrachten voor het reproduceren en ontwerpen van allerlei keramische vormen die in beschermde gebouwen voorkwamen en niet meer gemaakt werden. Daarnaast voerden we keramische opdrachten uit voor ander kunstenaars. 

Tegelijkertijd maakte ik enkele theaterproducties in eigen beheer en had in de tien beste jaren gemiddeld drie voorstellingen per week van mijn solo optredens (attracties) met film.tv als eenmalige zijsprongetjes tussendoor . 

  

Wat deed je kiezen voor de schilderkunst.

De idee om elke tien jaar van beroep te veranderen lukte niet zo. De eerste dertien jaar van echt werk was ik offset drukker, - toen nog een vak met vakkennis, met ''fingerspitsen-gevoel. Ik deed aan theater voor en na mijn shiftwerk in de drukkerij. Waar ik mee bezig was (drukwerk, kleuren, techniek) bleek veel te interessant om te stoppen. Denkend aan de beperkte tijd dat we hier rondlopen moest ik wel van discipline veranderen voor ik oud werd als ik nog andere dingen wou doen. Gevolg: ontslag nemen voor een jaar  maar ik ben niet meer terug gegaan omdat ik mijn draai al ergens anders had gevonden. Keramiek maken in de beslotenheid van het atelier en theater maken om onder de mensen (en in de aandacht) te komen combineerde zich goed. Ik was creatief bezig, kwam op  plaatsen en landen waar ik anders nooit zou geweest zijn. ik genoot van de vrijheid en de zelfstandigheid.  Zeker toen bleek dat te twee disciplines aansloegen. Ik voelde mij 'professioneel' bezig.  Ik leefde om te werken, sorry, om te doen waarvan ik genoot - om mijn hobby’s uit te oefenen, Ik wist toen nog niet hoe zwaar het kon worden als het dreigde boven mijn hoofd te groeien. Bovendien, ik was al jaren met kleuren bezig met het beschilderen van tegelpanelen met glazuren waarvan je de kleuren niet ziet maar inbeeldt hoe het zal zijn. Mijn eerste reactie bij het aanbrengen van olieverf op doek was: 'Oh, maar dat is gemakkelijk , ik zie nu wat ik doe'. Het voelde comfortabel aan.

 

Tot welke stroming reken je jezelf?

Ik maak mij weinig zorgen over een stromingen. Realistisch schilderijen zijn niet in de mode. Welke galerie toont ze. Naar buitenuit moet het ding ook een naam hebben, je moet het kunnen identificeren, in een schuifje kunnen stoppen. Spontaan lijk ik terecht te komen bij de Realisten, neigend naar de Hyperrealisten, met in sommige doeken een snuifje Rafaelisme hoor ik zeggen. Ik kan niet stoppen bij half werk, ik werk dus gedetailleerd. Ik heb wel de neiging om tegendraads te zijn, de zin om landschappen schilderen of abstract te schilderen is mij tot hiertoe ontgaan. Zowel in mijn theaterbezigheden als in het ambachtelijk van de keramiek volgde ik mijn eigen weg, stijl, werkwijze (een uitspraak van de academie: Paul schildert buiten categorie). Je natuurlijke weg lijkt geen slechte manier te zijn waar je in het beste geval in kan uitblinken en waar je het meest genoegen kan aan beleven en als gevolg daarvan het diepst kan in doordringen.   

 

In ‘My dog is a catfish’ vestig je de aandacht op een vreemdsoortig wezen. Een surrealistisch symbool? Typisch voor je werk?

In 'My Dog is a Catfish zie je een vrouw met een naaktkat. Ik geef toe dat ik een hond zocht om erbij te zetten, een beetje tegengas geven tegen de natuurlijke zachtheid van de vrouw. Toen ik op deze hond uitkwam bleek het een naaktkat te zijn, nog beter dacht ik. De schone en het beest. Dus een kat die (als niet hondenrassen kenner) zich uitgeeft als een hond.  Niet alles is wat het lijkt.  Combineer de vreemde hond met een mooie vrouw (mijn vast model) die haar handen in het haar steekt alsof ze wil zeggen.....ja wat wil ze zeggen? Het geeft je te denken, het beeld is niet agressief is nog altijd mooi, maar er zit wel een kronkel, een haakje in, wat het  schilderij interessant maakt . 

In de meeste van mijn doeken zoek ik een anomalie. Beginnend met de improvisaties met het model, zoek ik een afwijkende houding, een beweging die mij opvalt of mijn gedachten een andere richting doet uitgaan , dat  houd ik vast. Daar kan ik er verder op borduren.  Een Japans gezegde zegt dat: een spijker die er uit steekt moet je er in kloppen. Ik zoek die spijker die er uit steekt, dat is de meest interessante spijker, want die vangt uw aandacht, roept vragen op, brengt je fantasie op gang - bij ieder toeschouwer op een andere, persoonlijke manier, en stuurt 'het prentje' een andere richting uit. Wat niet wil zeggen dat ik mij ook laat verleiden door romantische, zachte natuurlijke beelden als  'The rigin of the World' of 'The Mosquito net' 

 

The Nobel Art Of Seduction. De vrouw is, anders dan in vele van je werken, niet in zichzelf gekeerd. Verschilt Muze hierin van je overige werk?

De vrouw op het doek 'The nobel art of Seduction' is inderdaad helemaal anders, dit schilderijtje is gemaakt bij en onder de invloed van de Mexicaanse Hyperrealist  Omar Ortiz. In zijn schilderijen ontbreekt ook wat ik eerder noemde dat haakje, het vervreemdingseffect. Dit is niet de vrouw die ik gekozen heb. Zij ziet er ook uit als een 'Fotomodel', is opgemaakt en is met 'professionele' belichting gefotografeerd. Daar tegenover heb in het modellenbureau mijn keuze gemaakt tussen de vrouwen die er net niet uitzien als een fotomodel, gewoon eerlijke natuurlijke uitstraling hadden, een beetje naar binnen gekeerd. De vrouwen op mijn schilderijen zijn zoals ze zijn.

Ik ben bij Omar Ortiz terecht gekomen omdat zijn manier van schilderen dicht bij mijn werkwijze ligt maar bij hem technisch nog veel meer doorgedreven is.

Het ging in dit schilderijtje niet zozeer om deze vrouw maar veel meer om de techniek die Ortiz hanteert. Hij schildert gefotografeerde vrouwen zoals je die in modebladen kan tegenkomen of op kunstfoto's maar zijn schilderijen moeten het hebben van de manier van schilderen, de extreme techniek. Dat kan je niet zien op een afbeelding, of op pc. Daar moet je voor het schilderij voor staan. Kijken naar zijn schilderijen en hun detaillering, hoe de verf er op ligt, dat moet je voelen. (zie hierbij ook het tekstje dat ik kopieer hieronder en dat op de valreep ook in mijn nieuw boekje is geplaatst op de laatste bladzijde )

 

 

Je beeldt graag rijke stoffen en kleding af. Om de sensualiteit van het beeld te verhogen?

Je moet een beetje verliefd worden op je onderwerpen die je wil schilderen. Dat kan een vrouw zijn (omdat je haar graag hebt)  maar ook de stoffen, het kleed (omdat het zo mooi is) dat je wil schilderen, of de speelgoed hondjes van je kleinkind, (omdat die van je kleinkind zijn natuurlijk). 

Ik merk zelf ook dat er twee constanten in mijn schilderijen komen. Het schilderen van mensen, gezichten, schilderen van huid. Dat is een uitdaging omdat dit juist moet zijn (of zo juist mogelijk dat in mijn mogelijkheden ligt). De gezichten zijn geen personages, geen anonieme personen, ze zijn van deze persoon en geen ander, herkenbaar en juist. Ook zo voor handen. Huid schilderen dat er als huid uitziet met de vele nuanceringen van groen,  , beige, vergt vele doorzichtige lagen verf om de aders, haartjes, verkleuring en lichtinval zichtbaar te maken. 

En zo komen we vanzelf uit op het schilderen, van stoffen, de textuur van de doeken. Satijn schilderen zodat je ziet dat het satijn is, is anders dan linnen doeken penselen of het gedrapeerde oppervlak van gordijnstof. Maar ook van bv (de huid) van een ouderwetse valies heeft een bepaalde textuur en geeft  bovendien de mogelijkheid  als contrastwerking tegen de blanke zachte vrouwelijk huid. Het schilderen van de plooien in slordig neergegooide doeken geeft een fantastisch mogelijkheid om  van een oninteressant voorwerp onderwerp te maken, zowel vormelijk als technisch een uitdaging om de rondingen en golvingen weer te geven.        

 

Deze brochure bevat geen schilderijen.

Enkel platte reproducties ervan.

 

Je hebt niets gezien, niets gevoeld, niets geroken, noch de verf, noch de borstelstreken,

 noch de kleuren. Het formaat en de uitstraling heb je niet ervaren.

 

Je hebt iets gemist:

Het schilderij

 

KUNSTENAAR MAGAZINE - INHOUD NUMMER 103 In het kielzog van de overzichtstentoonstelling in BOZAR in Brussel laten wij ons inspireren door het werk van Keith Haring. Marthy Locht gaat in gesprek met de beroemde Amerikaanse kunstenaar en Rob Komala maakt een schilderij van dansende figuren zoals we die allemaal van hem kennen. De Belgische schilder Anthony Verdonck maakt heel ander, maar ook erg intrigerend werk. Hij portretteert anonieme mensen in onherkenbare omgevingen. Nieuw in dit nummer en voortaan elke maand in Kunstenaar Magazine is het Engelstalige vlog van Hannelore Houdijk. Elke editie gaat over het dagdagelijkse leven van een kunstenaar. Deze keer: worstelen met details. Tot slot nog aandacht voor het boek Een tulp van jou het werk van Paul Kenens in Spotlight. Veel lees-, teken- en schilderplezier!

Nieuwe reacties

24.05 | 18:40

Ik vind uw werk van deze periode zeer mooi en fascinerend. Zie ik daar de invloed van surrealisten zoals Dali en Magritte? Toch is het helemaal uw eigen werk.

...
24.05 | 13:56

Dit is prachtig beste Paul. Je hebt me in mijn emoties gepakt, vooral die met de voetjes door de wolken en mijn kleinzoon.

...
24.05 | 12:29

Dat is tenminste nog kunst

...
20.12 | 09:14

Beeld zeemeermin wat is het verhaal hiervan?Staat te pronken op mijn woning in Tienen,woon daar al 27 jaar zo gekocht,graag een beetje uitleg aub.

...